vrijdag 18 december 2015

Afscheid in Warwickshire



Mijn weg slingert traag
door nat glimmend groen.
Glijdt geruisloos als een slang
langs beuk en liguster.

Een vos sluipt,
het hert graast,
een eend vliegt op.

Mijn koplampen zoeken de weg.
Begroeten een tegenligger
terwijl de hemel dreigend neerkijkt
op mijn Teletubbie-land.

De kerktoren beiert
een boerderij gonst,
het café zingt.

Beneveld vervolg ik mijn weg
en hobbel gelukzalig voort. Omhoog.
Omlaag. Rechts of rechtdoor
maar altijd links.

Geel kleurt de akker,
groen het bosland,
grijs de lucht.

Ik sla af. Mijn motor ook en
we nemen afscheid in de schemer.
Vandaag geen ge-slinger langs liguster
of glooiend landschap meer.
Morgen, een nieuwe dag in Warwickshire.

Van dreigende wolken,
priemende zonnestralen
en een glanzende regenboog.


Foto: IntiBlufft

donderdag 3 december 2015

Waanzin troont


Waanzin
slaat kogels in
muren en lichamen;
doven de lichtstad.
Mijn waanzinnige wereld
waar afschuw overwint en
bloemen honderddertig doden troosten.
Triomf viert in duisternis als
een maagd de martelaar bevrijdt.

Waan stoot zin van de troon.

Waanzin
vuurt kogels in
ramen en lichamen;
Californian dreamin' spat kapot.
Mijn waanzinnige wereld
waar afschuw rouwt en
tranen veertien doden troosten.
Triomf heult met duisternis
als een vuurwapen de idioot vindt.


[Foto: IntiBlufft]

vrijdag 13 november 2015

Familie


Vliegende veren
twee kibbelende mussen.
Zussen.


[Tekening: Roze Schimmelpennink]

Gedicht


Op papier vloeien
woorden. Mijn pen schrapt en streept
langzaam een gedicht.



[Foto: IntiBlufft]

woensdag 4 november 2015

Halloween




Zoet roven als grap
in een dwaze schimmennacht.
Geestig. Halloween.


[Foto: IntiBlufft]

Skyline




Je blik op het meer,
uitgestrekt in roestvrij staal.
Chicago skyline.


[Foto: IntiBlufft]

dinsdag 3 november 2015

Koud



Een sjaal,
een muts.
Handschoenen dan?
Lief,
doe geen moeite.
Waar mijn lichaam gaat
is leven dood.
Een hart verkild.
Waar kloppende schijn nog bedriegt
is geestdrift verloren.
Waar? Wanneer? Waarom?
Ik wil niet weten meer.

Lief.
Doe geen moeite
met sjaal,
muts en handschoenen.
Het is zo koud.


[Foto: IntiBlufft]

zaterdag 3 oktober 2015

Twee hondjes


Ik sta mij voor het vensterglas
onnoemlijk te vervelen.
Toch wou ik dat ik geen twee hondjes was
want dan moest ik haar samen delen...

[Foto: IntiBlufft]

dinsdag 29 september 2015

Nature's call


Ssshhh... do you hear that sound?
It's howling softly all around!
Watch it crawling out of deep woods
to our busy neighbourhoods
and turning urban life into flames
as powerful warriors in video games.
Their shining armours of yellow, red and brown 
make majestic trees humble bending their crown.
Obeying mother earth's whispering call,
for there it is: Fall.


[Foto: IntiBlufft]

maandag 21 september 2015

Mens


Dagelijks ontmoet je mensen.
Laat ze toe in je bestaan.
Je praat, je lacht of zwijgt
en leeft rustig verder. 

Soms besluit je zelf weg te gaan.
Laat je achter
en weer toe.
In een nieuw leven 
dat praat, lacht of zwijgt.

Totdat het Leven besluit te verdwijnen.
Dan zwijgt plots een bestaan.
Stokt het praten.
Vergaat het lachen. 
Voor jou.

Dag Mens!


[Foto: IntiBlufft]

woensdag 8 juli 2015

Zomer latte


Zweepslagen knetteren door woeste wolken.
Vlammen likken gulzig aan kreunende kronen.
Kletterend slaat het water broos groen genadeloos neer.
De geur van aarde kruipt omhoog.
Donders! Wat smaakt verkeerd soms naar zoveel meer.

Ik hoor.
Ik zie.
Ik voel.
Ik ruik.
Ik proef.

Oh! Machtig prachtig buitenleven!


[Foto: IntiBlufft]

woensdag 17 juni 2015

Meer


Waar ik nu ben, is zij niet.
Meer.
Kleine voeten in het koele water,
diep turend in haar gedachten.
Zo groots. Zo meer. 
Zo heel veel meer.
  
Ze staart naar de toekomst.
Mijn eigen bloed
blikt over roerloos water.
Mijmert over leven aan de overkant,
of dat in het water voor haar?
Of zelfs meer? 
Zo heel veel meer.
 
Tweetalige gedachten die ik niet volg.
Misschien denk ik wel meer dan zij.
Teveel meer.
Of leek het meer?
 
Ze draait zich om
Lacht. 
Roept verrukt,
het lake zo stil en schitterend, toch mam?
Ze pakt mijn hand en ik weet
waar zij is, ben ik. Altijd.
En meer. Zo heel veel schitterend meer.
 
We lopen weg,
kijken samen nog een keer om.
Naar het Meer. Ons schitterend Meer.


[Foto: IntiBlufft]


vrijdag 10 april 2015

Zoek!


Het is een prachtige zondag op de boerderij. 
Kip doet een dutje, Koe loeit en Hond blaft. 
Boer is mais aan het inzaaien als Kip wakker wordt. 
Ze wipt van haar stok. Het strobedje van Roze Big is leeg. 
Ze kijkt om zich heen. Nergens ziet ze haar biggen-vriendinnetje. 
Kip gaat naar buiten. Daar is Koe.
-"Waar is Big?", vraagt ze.
Koe haalt haar schouders op.
-"Ik weet het niet", loeit ze.
-"Oh..., nou toch bedankt", tokt ze terug.
Ze loopt naar Paard en vraagt of hij Roze Big gezien heeft.
Nee, Paard heeft haar niet gezien.
-"Vreemd", denkt Kip, "Big gaat nooit weg zonder iets te zeggen."
Dan ziet ze Zwaan in haar vijver dobberen en roept:
-"Zwaan, heb jij Roze Big misschien gezien?"
-"Nee!", roept Zwaan en draait een sierlijk rondje.
-"Maak je je zorgen?", vraagt ze als ze Kip haar beteuterde gezicht ziet.
-"Een beetje", piept Kip.
Kip kijkt naar het bos. Zwaan kijkt ook.
-"Zou ze daar kunnen zijn?" vraagt Zwaan.
-"Het zou kunnen, Big is dol op eikeltjes..."
Samen beginnen ze hard te roepen maar er komt geen antwoord.
-"Misschien hoort ze ons niet", zegt Kip. "Ik ga erheen en ga haar zoeken", piept ze dapper.
Kip vindt het bos eng. Heel eng.
In het bos woont Vos en die houdt van Kip. En misschien ook wel van Big.
Zwaan ziet het snaveltje van Kip bleekjes worden en besluit met haar mee te lopen. Dat is fijn.
Daar gaan ze en al snel verdwijnen ze in het groen.
Ze lopen en roepen. Ze roepen en lopen. Steeds verder. 
Plots klinkt er gekraak in het kreupelhout. Het is Vos.
-"Eh..., hallo Vos", stamelen Kip en Zwaan in koor.
-"Dag Kip, dag Zwaan", bromt Vos. "Samen aan de wandel in het bos?"
-"Nou eh.., eigenlijk zoeken we Roze Big", vertelt Zwaan.
-"Oh, Big die is bij mij, in mijn hol!", roept Vos.
Kip en Zwaan kijken verschrikt. Vos lacht vrolijk.
"-Big zit zelfs al in de kruidenthee", vertelt hij verrukt.
-"En nu ben ik op zoek naar eikeltjes om het nog smakelijker te maken", gromt hij likkenbaardend.
Zwaan wordt nog witter dan ze al is.
Vos schrikt ervan en roept:
-"Nee, nee, ik bedoel AAN de kruidenthee. Big zit aan de kruidenthee. Ze kwam gewoon gezellig langs en de eikeltjes zijn voor haar. Voor bij de thee."
-"Lusten jullie soms ook een kopje? Voor de schrik?", vraagt hij.
Kip en Zwaan kijken elkaar aan en knikken wat weifelend.
Met zijn drietjes lopen ze naar het hol. Bij de ingang roept Vos vrolijk:
-"Big, kijk we hebben bezoek".
Roze Big stapt naar buiten en kijkt verrast.
-"Gezellig, knort ze blij, "nu kunnen we een echt theekransje houden Vos!"
Vos is ook blij. Heel erg blij. Hij krijgt niet zoveel bezoek. 
Kip en Zwaan kijken elkaar aan. Opgelucht. En samen roepen ze uit:
-"Het is echt waar! Vos houdt echt van Kip. En van Big. En Zwaan."
-"Natuurlijk, lacht Roze Big, "wat dachten jullie dan?"
Zorgzaam schenkt Vos alle theekopjes vol. Hij is dolgelukkig. Een heus theekransje in zijn vossenhol.


[Foto: IntiBlufft]


vrijdag 16 januari 2015

Ravinia


'The green bridge', pal achter ons huis.

Kleine schimmen in mijn groen wuivend bos,
soezen zon-minnend op oud hout
en spelen op hun lommerrijke paden.
Kijk ze zwaaien met hun pluimen.

Een schaduw glijdt geruisloos over het loof.
Honderden raketten scheren omhoog
en zoeken angstig een weg.
Weg! weg! van het monster dat doodt.
Ik luister, de schrille kreet van de gevallene. 
Stille ademnood stroomt door het ravijn.

Kleine schimmen in mijn kleurrijk vlammend bos
rennen opgewekt over steunende takken
en pakken wat ze grijpen kunnen. Voor nu. Voor straks.
Hun dikke pluimen zoeken evenwicht.

Een schaduw klimt geruisloos in het dikke eikenhout.
Projectielen schieten alle kanten op
en zoeken wanhopig een holte.
Weg! weg! van dit monster dat doodt
Ik hoor, een iele kreet van een gevallene.
Een siddering vloeit schokkend weg uit het ravijn.

Kleine schimmen in mijn wit roerloos bos
scharrelen voortdurend om de honger te stillen.
Kijken behoedzaam naar de verblindende diepte,
opgerold in warme pluimen.

Een onbekende schaduw rent dwaas door hun bos.
Als zwarte kogels stuiven ze weg.
Weg! weg! van dat monster dat raast en tiert.
Ik wacht, het blijft ijzingwekkend stil. 
Opluchting galmt door mijn ravijn.